Persberichten

Wat is er verzonden naar de media? Hieronder vind je een overzicht.

Vragen kun je stellen via:

Maart 2020

De restauratie van de monumentale stadhuistoren van Bolsward kost de gemeente 3,28 miljoen euro. Voor dat bedrag worden niet alleen de toren met carillon en de houten draagconstructie hersteld. Meteen wordt ook de schade aan de balken en de kapconstructie van de oude raadszaal, de voormalige burgemeesterskamer en de oude waag onder handen genomen.

“Toen ik het restauratierapport las en het bedrag onder ogen kreeg, moest ik wel even slikken”, zegt wethouder Mirjam Bakker. “Maar natuurlijk krijgt Bolsward de toren terug. Er is geen haar op mijn hoofd die eraan denkt om niet te restaureren.” De andere leden van het college denken er precies zo over. Vandaar dat de gemeenteraad in april wordt voorgesteld het geld beschikbaar te stellen.

Dat de bonte knaagkever in de toren zit is al decennia bekend. Het beestje is in de periode tussen 1980 en 2000 intensief bestreden. De  afgelopen tien jaar is van de knager weinig activiteit meer waargenomen, hoewel er het afgelopen jaar nog wel een klein aantal kevers is gevangen.

Tijdens de werkzaamheden aan Cultuur Historisch Centrum ‘De Tiid’ werd duidelijk welk verwoestend werk de kever door de jaren heen heeft verricht. “Een flink aantal balken is van binnenuit aangevreten”, vertelt Bakker. “Volgens de deskundigen moet dat geknaag al een eeuw geleden zijn begonnen.”

De schade kwam pas aan het licht tijdens demontage en zogenaamd ‘destructief onderzoek’. “Je moet dan materiaal weghalen, zoals een complete zoldervloer, om schade beter in beeld te krijgen. Zoiets gebeurt eigenlijk nooit tijdens reguliere inspecties van bijvoorbeeld de Monumentenwacht.” Dit verklaart ook waarom er niet eerder alarm is geslagen.

Om ongelukken te voorkomen is de toren vorig najaar in drie delen ontmanteld, opgeslagen en nauwgezet geïnspecteerd. Dit leidde tot een restauratieplan met verschillende scenario’s. Het college heeft nu gekozen voor de variant waarbij een staalconstructie de draagfunctie van de oude houten constructie overneemt.

De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed en Hûs & Hiem hebben voorkeur voor de variant waarin weliswaar ook staal wordt gebruikt, maar meer ruimte is voor traditioneel herstel van de houten constructie. Deze variant is zo’n 200.000 euro duurder. “Wat bij onze keus de doorslag heeft gegeven, is de wens om de risico’s in dit project zo veel mogelijk te beperken. Niet alleen nu, maar ook voor later”, zegt Bakker. “Deze oplossing is het veiligst en meest duurzaam voor de lange termijn.”

Als de gemeenteraad in april akkoord gaat kan na de zomervakantie met de herstelwerkzaamheden worden begonnen. Deze zullen ongeveer tien maanden duren.

De voedselbanken Sneek-Wymbritseradiel en Bolsward krijgen beide een financiële bijdrage van de gemeente Súdwest-Fryslân. Beide voedselbanken hadden over 2019 een tekort dat nu door de gemeente wordt aangevuld. In Sneek gaat het om een bedrag van 4000 euro, Bolsward zat 1500 euro in de min.

De twee voedselbanken draaien al jaren zonder gemeentelijke subsidie, maar zowel ‘Sneek-Wymbritseradiel’ als ‘Bolsward’ verwacht dat dit niet vol te houden is. “We zijn blij met de bijdrage over 2019, maar we maken ons zorgen over de toekomst”, zegt voorzitter Tom Metz van de Sneker voedselbank. “Aan voedselveiligheid worden al maar strengere eisen gesteld, en dat leidt tot hogere kosten. Zo teren we langzaam maar zeker in op onze reserves.”

De voedselbank Sneek-Wymbritseradiel verhuisde enkele maanden geleden noodgedwongen naar een groter en duurder pand, aan de Professor Zernikestraat in de stad. “Het zou mooi zijn als de gemeente voor een belangrijk deel bijdraagt in de huur”, zegt Metz. “We vragen 12.000 euro per jaar.” De voedselbank in Bolsward vraagt om een jaarlijks bedrag van 5000 euro.

Wethouder Gea Wielinga zegde al toe de mogelijkheden voor jaarlijkse subsidie te onderzoeken. “Het moet wel passen in het gemeentelijk armoedebeleid”, zegt ze. “Om armoede te bestrijden zijn er al verschillende gemeentelijke en landelijke regelingen. Maar ook wij zien dat er in de praktijk directe voedselhulp nodig is voor mensen die om wat voor reden dan ook tijdelijk of permanent in de knel zitten.”

Voorzitter Metz van Sneek-Wymbritseradiel wijst er op dat uit cijfers van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat de voedselbanken, ondanks de economische bloei in de afgelopen vijf jaar, meer klanten krijgen die noodgedwongen langer dan drie jaar gebruik moeten maken van voedselhulp. “De druk op deze vorm van ondersteuning wordt dus groter.”

In Sneek zijn gemiddeld tussen de 55 en 75 gezinnen afhankelijk van voedselhulp, in Bolsward varieert het tussen de 35 en 70 adressen. “Maar de nood is echt veel hoger”, zegt Metz. “Uit landelijk onderzoek weten we dat de voedselbanken hooguit 20 procent van de gezinnen bereiken die gebruik van ons mogen maken.”

Aan aanvoer hebben de voedselbanken nu geen gebrek, zegt Metz. “De coronacrisis is heel vervelend, maar heeft voor ons als voordeel dat we veel etenswaar krijgen aangeleverd van hotels en restaurants die nu verplicht gesloten zijn. Die blijven er anders mee zitten.”

De werkzaamheden voor het Cultuur Historisch Centrum ‘De Tiid’ in Bolsward vorderen gestaag. Donderdag 19 maart stonden bouwer en opdrachtgever even stil bij het bereiken van het hoogste punt van de nieuwbouw.

Normaal gesproken is dit een feestelijke gebeurtenis waaraan flink aandacht wordt gegeven. Door de maatregelen in verband met de uitbraak van het coronavirus was besloten tot een bescheiden samenkomst.

Projectleider Sietse la Roi sprak namens het gemeentebestuur zijn dank uit aan de medewerkers van bouwcombinatie Jurriëns Noord en Aannemingsmaatschappij Friso en alle andere betroken partijen, die onder deze bijzondere omstandigheden toch uitvoering blijven geven aan de opdracht. De werkzaamheden liggen op schema, hoewel het werk bemoeilijkt wordt nu ook op de bouwplaats de richtlijnen en afspraken gelden in het kader van de coronacrisis.

Het echte hoogste punt van het complex is vanzelfsprekend de toren van het monumentale stadhuis. Het college is van plan om volgende week een voorstel naar de gemeenteraad sturen over het herstel van de toren en de kosten die daarmee gemoeid zijn. De bedoeling is dat de gemeenteraad daarover op 23 april een besluit neemt, althans als de raad dan in vergadering bijeen kan zijn.

Ruim tweeduizend jaar geleden, rond het begin van de jaartelling, was in Sneek ook al ‘industrie’ op de plek waar bedrijventerrein De Hemmen 3 wordt aangelegd. Dit concluderen archeologen na onderzoek en opgraving van een kleine veenterp in het gebied. “Een interessante puzzel”, zegt archeoloog Yvonne Boonstra van de gemeente Súdwest-Fryslân.

Het veenlandschap rond Sneek was zo’n tweeduizend jaar geleden bezaaid met kleine huisterpjes. Deze veenrandzone, op de overgang naar het kleigebied richting zee, had een grote aantrekkingskracht op de mens. Doorgaans huisde men in boerderijtjes op opgeworpen woonheuveltjes, en probeerde men zo zelfvoorzienend mogelijk te zijn. Men hield vooral koeien, schapen en/of geiten (onderscheid is moeilijk te maken op grond van het botmateriaal), wat paarden en honden. Duurzaamheid en recycling waren het uitgangspunt.

Bijzondere vondst

“Recycling is vermoedelijk een van de redenen dat we zo weinig metaal vinden in de veenterpen”, zegt Boonstra. “Het was kostbaar en werd daarom steeds hergebruikt als een voorwerp kapot was.” Des te opvallend was de vondst van diverse loden smeltfragmenten en een loden spinklosje, zegt ze. “In deze regio is metaal, laat staan lood, vrij zeldzaam.”

Uit de metaalanalyse blijkt dat het om zeer zuiver tot puur lood gaat. “Van recycling is dan waarschijnlijk geen sprake, want dan is de kans groot dat er vermenging is met andere metaalverbindingen.” Vooralsnog lijkt deze metaalbewerking een nijverheid die niet elk huishouden zelf regelde, maar echt specialistisch was, concludeert Boonstra. “In die zin kunnen we dus spreken van een kleinschalig en zeer vroeg industrieel terpje.

Geen boerderij

Wat opvalt is dat er geen duidelijke boerderij of andersoortige bebouwing is aangetroffen. De top van de terp is door erosie wel verdwenen, maar diepere sporen van bebouwing blijven doorgaans goed bewaard. Denk hierbij aan paalkuilen bijvoorbeeld, soms nog met resten van palen. “Dat komt doordat klei- en veengrond zeer goed zijn voor de conservering van hout en andere vergankelijke materialen en voorwerpen, zoals touw”, legt Boonstra uit.

De onderzoekers achten het onwaarschijnlijk dat de metaalbewerking plaatsvond in de open lucht: er zijn aanwijzingen voor een haardplaats. Ook is er verbrande klei aangetroffen, soms met afdrukken van vlechtwerk, oftewel aanwijzingen voor vloeren en muren. Ook het keukenservies duidt op een doorsnee gezinnetje van rond de jaartelling. Uit botmateriaal blijkt dat er ter plaatse werd geslacht. Waar het gebouw zelf is gebleven, blijft een mysterie.

Opgeslokt door de Middelzee

De terp werd ergens in de eerste eeuw na Christus verlaten, maar bleef zeker herkenbaar als verhoging in het landschap. Omstreeks de zevende eeuw na Christus was er weer activiteit, hier wijzen twee waterputten op. De terp verdween daarna onder het slib, door overstromingen van de grote zeegeul Middelzee. De terp was niet meer zichtbaar en raakte in de vergetelheid tot haar opgraving, twee millenniums later.

De Friese wateren kunnen gebruikt worden als verwarming van de toekomst. Provincie, Wetterskip en gemeente Súdwest-Fryslân willen warmtewinning uit water op grote schaal inzetten om huizen te verwarmen. Aquathermie is een nieuwe warmtebron en een schoon alternatief voor aardgas. In Heeg zijn vergevorderde plannen om op deze manier alle woningen in het dorp te verwarmen. Fryslân zet daarmee een eerste forse stap om Europees koploper te worden op het gebied van deze warmtetechniek.  

Fryslân ziet economische kansen door kennis en kunde over aquathermie naar de provincie te halen en verder te ontwikkelen. De drie partijen willen met verschillende projecten in kaart brengen wat aquathermie betekent voor de watertemperatuur, waterkwaliteit en natuur. Daarnaast wordt onderzocht wat er nodig is op het gebied van regelgeving, financiën en organisatie voor een succesvolle invoer van deze techniek.

Warm Heeg

De inwoners van Heeg willen het Hegermeer gebruiken om het volledige dorp te voorzien van warmte. Ze sluiten daarvoor alle 864 woningen aan op een warmtenet dat gevoed wordt met warmte uit het naastgelegen meer. De Energiecoöperatie Heeg heeft het project bedacht en opgezet. Een subsidie van het rijk moet het mogelijk maken om het plan tot in detail uit te werken en uiteindelijk van start te kunnen gaan. Provincie, Wetterskip en gemeente steunen de dorpsbewoners.

Kennis opdoen

Om zoveel mogelijk ervaring op te doen met aquathermie starten in Fryslân verschillende grote en kleine projecten. Vanaf eind 2021 wordt het Swettehûs in Leeuwarden verwarmd met water uit het Van Harinxmakanaal. Vanaf deze locatie bedienen brugwachters de bruggen in Fryslân. Ook woongemeenschappen en woonwijken zijn in beeld om mee te doen als proefproject.

Aquathermie

Het winnen van warmte uit water vindt al op verschillende plekken plaats, maar is nog nooit zo grootschalig toegepast als in het plan van Heeg. Uit eerder onderzoek is gebleken dat aquathermie ruim één-derde van de Friese huizen en gebouwen van warmte kan voorzien.

Eind vorig jaar was er al een boekje over zijn leven en nu heeft de Sneker verzetsman Jan de Rapper (1907-1989) ook een eigen pad in de stad. De verbinding tussen de Kanadezenstrjitte en het Fiem, in de wijk De Zwette, draagt vanaf nu zijn naam.

Op 15 april 2020, de dag dat het 75 jaar geleden is dat Sneek door de Canadezen werd bevrijd, wordt het Jan de Rapperpaad officieel onthuld.

Jan de Rapper maakte, naast zijn baan als elektrotechnisch installateur, deel uit van de verzetsgroep Lever. Ook deze naam blijft dankzij een straatnaam in dezelfde wijk in herinnering: de Famylje Leverstrjitte.

De verzetsgroep Lever hield zich tijdens de Tweede Wereldoorlog bezig met veel illegaal werk, zoals het verzorgen en vervoeren van onderduikers, piloten en Joden, het vervoeren van bonkaarten en illegale lectuur en het gebruiksklaar maken van drukkerijen. Verder waren De Rapper en zijn geestverwanten betrokken bij wapenopslag en -transport.

Zelf heeft De Rapper nooit iets verteld over zijn werkzaamheden in het verzet. Bijna dertig jaar na zijn overlijden vonden zijn nabestaanden een doos met veel informatie, waardoor de belangrijke rol van de Sneker verzetsman duidelijk werd. Dat was voor kleindochter Yvonne de Rapper reden een boekje over haar opa te schrijven.

In de wijk De Zwette herinneren ook andere straten aan het Sneker oorlogsverleden, met namen als Dick Brouwerstrjitte, Kanadezenstrjitte, Koos Gaastrastrjitte, Koeriersterwei, Gerben Oppewalstrjitte en Haitze Wiersmastrjitte. Verzetsman Willem Santema, die in 1944 door de Duitsers werd gefusilleerd en tot dan werkgever van De Rapper was, is in Sneek al vernoemd in de wijk Lemmerweg-Oost.

Súdwest-Fryslân viert en herdenkt op grote schaal 75 jaar vrijheid. Het gaat om een breed scala aan activiteiten in tientallen steden en dorpen. Van lezingen, tentoonstellingen en concerten tot optochten, feestmaaltijden en theatervoorstellingen.

De meeste organisatoren klopten met succes aan bij de gemeente voor financiële steun. Uiteindelijk kregen 33 aanvragers positief bericht. Van hen konden 23 worden betaald dankzij de tijdelijke subsidieregeling met een budget van 90.000 euro. De gemeente stelde de subsidieregeling in om de diverse herdenkingscomités te stimuleren activiteiten te organiseren.

De andere 10 aanvragen konden voor zo’n 55.000 euro worden gehonoreerd vanwege raakvlakken met andere subsidiepotjes op het gebied van toerisme, erfgoed, representatie of cultuur.

Enkele aanvragers moesten worden teleurgesteld. Zo visten Lollum-Waaksens en Kimswerd achter het net. Hun aanvragen kwamen binnen toen de subsidiepot al leeg was. Ook op de aanvraag uit Oudega moest de gemeente ‘nee’ verkopen.

Voorbeelden van de tientallen activiteiten in het kader van ‘75 jaar vrijheid’ zijn het theaterspektakel bij Molkwar, de meerdaagse programma’s in Sneek en Makkum, de muziektheatervoorstelling Smokkelbern (o.a. in Abbega en Sneek), het openluchttheater Skaad in Loënga, de activiteiten van het Kazemattenmuseum en het project ‘As it tsjuster is…’ van Warkums Erfskip.

Een overzicht van alle activiteiten in het kader van ‘75 jaar vrijheid’ staat vanaf half maart op de website van de gemeente.

Februari 2020

De eenzame populier bij het oude boerderijtje aan de Oerdyk, aan de noordkant van de Sneker wijk Harinxmaland, krijgt een tweede leven. De boom moet weliswaar wijken voor woningbouw, maar hij wordt gestekt, met als doel in de wijk te worden herplant.

Bovendien wordt het hout van de boom na de kap verwerkt tot speelattribuut dat een plek krijgt in het geplande ‘speeleiland’ in de wijk. Ook wordt het hout verzaagd tot planken voor een bankje. Het plan is om dit bankje te voorzien van een plaquette met daarop uitleg over de geschiedenis.

Deze gaat terug naar de laatste jaren van de Tweede Wereldoorlog, toen het ‘boerespultsje’ werd bewoond door Douwe van der Meer en zijn gezin. “Heit en mem hiene ûnderdûkers”, vertelt Anne van der Meer, nu 86. “Twa omkes fan mems kant, en noch in pear ûnbekenden.”

Hij kan zich nog herinneren dat de populier is ontstaan doordat een van de onderduikers een tak van een ander, bijna dood exemplaar stekte. “De âlde beam is doe troch him omseage. Ut de tûk is doe in nije beam groeid.”

Driekwart eeuw later is de ontstaansgeschiedenis nog goed te zien. “It is in wylde beam. De tûken stekke al leech boppe de grûn alle kanten op.” De boom is het beter vergaan dan de onderduiker aan wie hij zijn bestaan te danken heeft. “Dy hat mar in pear dagen by ús west. Doe krige hy in oar plak, yn Boazum. Dêr is hy deasketten.”

De ware toedracht kent Van der Meer niet. Evenmin weet hij de naam van de onderduiker. “Wat ik al wit is dat heit him doe aardich knepen hat. Wie dy ûnderdûker wol te fertrouwen? Soe hy ús ferret hawwe? Dêr siet heit oer yn.”

De geschiedenis van de populier was voor raadslid Carla van der Hoek (GBTL) aanleiding om te vragen of er ten minste iets van de ‘oorlogsboom’ behouden kon blijven. Wethouder Erik Faber zegde toe zich daarvoor te willen inzetten.

Oorlogsboom

Het aantal inwoners van Súdwest-Fryslân met een bijstandsuitkering (Participatiewet) is vorig jaar opnieuw gedaald, naar 2344. Dat zijn er 141 minder dan een jaar eerder, en 422 minder dan aan het einde van 2017.

Ook het aantal mensen met een WW-uitkering (Werkloosheidswet) nam vorig jaar af, naar 1202. Dat is een daling van bijna 14 procent ten opzichte van eind 2018 toen het UWV in Súdwest-Fryslân nog 1394 WW’ers registreerde. Eind 2017 waren dat er nog 1834.

Banengroei

Na een aantal jaren van groei bleef vorig jaar het aantal arbeidsplaatsen in de gemeente stabiel op zo’n 43.000. “Gunstig is dat het aantal kleine banen afnam ten gunste van het aantal banen met een dienstverband van meer dan 15 uur per week”, zegt wethouder Maarten Offinga. “De trend voor de lange termijn laat nog steeds banengroei zien.”

Inspiratietours

De speurtocht naar een baan blijft bij veel werkzoekenden beperkt tot de branches die bij hun bekend zijn, maar waarin nauwelijks meer werk te vinden is. Daarom worden ook in Súdwest-Fryslân – onder de vlag van Fryslân Werkt! en in samenwerking met het UWV en Pastiel – inspiratietours georganiseerd om werkzoekenden met een uitkering te laten kennismaken met voor hen onbekend werkterrein.

“Zo proberen we werkzoekenden in beweging krijgen, hun interesse te wekken voor verschillende branches en hun weer te laten denken in mogelijkheden”, zegt Offinga. Vandaag gingen zo’n zestig werkzoekenden op bezoek bij onder andere jachtbouwer Feadship in Makkum, het distributiecentrum/hoofdkantoor van Poiesz Supermarkten, Beijk Catering en Meester Nautic, alle in Sneek. Meester Nautic won vorig jaar de gemeentelijke ondernemersprijs (voor sociaal ondernemerschap).

Moandei 2 maart om 16.30 oere rikt wethâlder Mirjam Bakker de priis út foar it bêste Frysktalige redaksjestik fan 2019 yn ’e doarps-, wyk- en stedskranten út gemeente Súdwest-Fryslân.

De redaksjes koenen it ôfrûne jier stikken ynstjoere. Yn totaal binne sechstjin teksten ynstjoerd troch sân ferskillende doarpskranteredaksjes. Dy teksten binne beoardiele troch Douwe Blom (riedslid FNP Súdwest-Fryslân), Jantine Weidenaar (sjoernalist Omrop Fryslân) en Arjan Hut (skriuwer en dichter).

It is de fjirde kear dat de gemeente Súdwest-Fryslân de priis útrikt. De útrikking is yn it Gysbert Japicxhûs yn Boalsert.

Wy nûgje jo fan herte út om by dizze útrikking oanwêzich te wêzen.

Wannear: moandei 2 maart 2020
Tiid: 16.30-17.00 oere
Plak: Gysbert Japicxhûs, Wipstraat 6 yn Boalsert

Wooncomplex Nij Ylostins in IJlst wordt toch geen beschermd gemeentelijk monument. Het college van burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân kwam tot dit besluit na zorgvuldige afweging van alle betrokken belangen.

Een aanwijzing tot monument zou te beperkend zijn voor de herontwikkeling van het complex voor de doelgroep sociale huur, aldus het college. “Het is niet aannemelijk dat er dan een betaalbare en toekomstbestendige, op zorg en welzijn gerichte, invulling van het wooncomplex te realiseren is”, schrijft het college.

Voor het huidige complex zijn weliswaar mogelijkheden voor renovatie, maar deze leveren voor de stad IJlst “geen optimaal concept” op, aldus het college.

Wel toekomstbestendig acht het college het plan van volledige nieuwbouw van dertig extramurale woningen (gemaakt door Elkien, die eigenaar is van Nij Ylostins) in combinatie met zo’n dertig intramurale woningen (te realiseren door zorginstelling Patyna). Hierdoor kunnen de toekomstige bewoners van het nieuwe complex 24-uurs zorg ontvangen.

Dit betekent dat inwoners met een grotere zorgvraag langer in IJlst of zelfs in de eigen woning kunnen blijven wonen. Het voorzieningenniveau in IJlst gaat er zo op vooruit. Nu wordt in IJlst geen intramurale zorg aangeboden.

Erfgoedvereniging Heemschut en de kinderen van een tweetal bewoners van het wooncomplex dienden afgelopen zomer het verzoek in bij Súdwest-Fryslân om Nij Ylostins als gemeentelijk monument aan te wijzen. Sindsdien doorliep de gemeente de vereiste procedures van advies en belangenafweging.

Monumentencommissie Hûs & Hiem adviseerde in december vorig jaar Nij Ylostins wél aan te wijzen als gemeentelijk monument op grond van “voldoende cultuur- en architectuurhistorische betekenis”. Het college nam dat advies toen over met ‘een voorgenomen aanwijzing’, met het voorbehoud dat de belangen van alle betrokkenen nog moesten worden gewogen.

Het college hecht waarde aan het advies van Hûs & Hiem en ziet dat Nij Ylostins “een gaaf voorbeeld is van een woonvorm voor ouderen uit de Post ’65-architectuur”. Maar het college weegt deze waarden minder zwaar dan het algemeen belang dat gediend is bij een toekomstbestendig zorgniveau in de stad.

Het zong al even rond in de stad, maar de gemeente Súdwest-Fryslân heeft nu ook formeel de knoop doorgehakt: de Sneekweek gaat terug naar zeven dagen. Door het schrappen van het avondprogramma in het tweede weekeinde lopen de feestelijkheden in de stad dit jaar (van 31 juli tot en met 6 augustus) weer gelijk op met de zeilwedstrijden op het Sneekermeer.

Op de vrijdag en in het weekeinde na de Sneekweek is er dit jaar – net als in 2019 – overdag wel alle ruimte voor culturele activiteiten, zoals een straatfestival en – op de zondagmiddag - het inmiddels traditionele grachtenconcert.

Het terugdraaien van de Sneekweek tot de oorspronkelijke duur van vóór 2014 vloeit voort uit de gemeentelijke beleidsnota ‘Regels geluid bij evenementen’, die het college heeft opgesteld. In de nota wordt aangegeven waaraan het muziekgeluid bij evenementen moet voldoen (hoeveel decibel, eindtijd). Dit geldt niet alleen voor de Sneekweek, maar voor alle evenementen in de gemeente.

De gemeente ontwikkelde het nieuwe geluidsbeleid naar aanleiding van eerdere rechterlijke uitspraken over evenementen in Nederland. De rechters gaven aan dat in het beleid regels moeten worden opgenomen om geluidsoverlast voor omwonenden te beperken.

De gemeente wil maatwerk leveren. Voor een dorpsfeest van twee dagen gelden bijvoorbeeld andere eindtijden dan voor de Sneekweek of voor een eendaags evenement op een doordeweekse dag. De beleidsnota ‘Regels geluid bij evenementen’ ligt vanaf donderdag 13 februari zes weken ter inzage.

Súdwest-Fryslân houdt binnenkort een duurzaamheidswedstrijd onder haar inwoners. De beste ideeën om te verduurzamen maken kans op een financiële bijdrage, bedoeld als steuntje in de rug om het idee werkelijkheid te laten worden.

“Onze gemeente staat al bekend om het grote aantal initiatieven van inwoners en verenigingen op het groene gebied”, zegt wethouder Erik Faber. “Dit willen we met de duurzaamheidsprijzen nog verder stimuleren. Want met elkaar staan we voor grote opgaven. Samen de schouders eronder en van elkaar leren. Want duurzaamheid gaat uiteindelijk iedereen aan.”

Deelnemers kunnen in drie categorieën hun inzending indienen: kinderen tot 12 jaar, jeugd van 12 tot 18 jaar en volwassenen. Medewerkers van de gemeente en hun familieleden (tot tweedegraads) mogen niet meedoen.

Hoe werkt het?

Heb jij een idee waarmee je Súdwest-Fryslân duurzamer maakt? De inschrijfperiode start maandag 24 februari, inschrijven kan tot 1 mei.

In de week van 11 mei komt de onafhankelijke jury bijeen. Uiterlijk 22 mei krijgen alle inzenders bericht of hun idee in de prijzen is gevallen. Op 29 mei vindt de feestelijke prijsuitreiking plaats in de raadszaal van het Bestjoershûs aan de Marktstraat in Sneek.

Meer informatie over de duurzaamheidsprijs en de actievoorwaarden staan vanaf 10 februari op de gemeentelijke website.

Vragen? Stuur een e-mail naar duurzaamheidsprijs@sudwestfryslan.nl

Januari 2020

Het tijdelijk lichtmonument, ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de holocaust, verhuist van Bolsward naar Sneek. Daar is Levenslicht van kunstenaar Daan Roosegaarde te zien van woensdag 29 januari 2020 tot en met zondag 2 februari 2020, in de hal van het Súdwesthûs aan de Marktstraat in Sneek.

Het monument is door inwoners en belangstellenden te bezichtigen tijdens de openingsuren van het Súdwesthûs. In de avonduren is het monument van de straatkant goed te zien en zullen de lichtgevende steentjes een bijzonder beeld geven.

Roosegaarde maakte het monument in opdracht van het Nationaal Comité 4 en 5 mei. Het bestaat uit 104.000 lichtgevende herdenkingsstenen. Dit is gelijk aan het aantal slachtoffers van de holocaust in Nederland. De stenen zijn verspreid over meer dan 170 gemeenten.

Met het monument wil het Nationaal Comité 4 en 5 mei het bewustzijn vergroten dat in heel Nederland Joden, Roma en Sinti woonden. En dat de mensen die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn vervolgd, gedeporteerd en vermoord, plaatsgenoten of buren waren.

Dit jaar is het 75 jaar geleden dat er een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Overal in het land worden daarom herdenkingen en vieringen georganiseerd.

Het voormalige gemeentehuis van Littenseradiel in Wommels heeft een nieuwe eigenaar. Met de ondertekening van de definitieve verkoopovereenkomst droeg de gemeente Súdwest-Fryslân het gebouw formeel over aan Quatro Paques uit Balk.

De ondertekening vond plaats op een toepasselijke plek, aan de balie in de entree van het voormalige gemeentehuis. Dat is bekend terrein voor wethouder Mark de Man, die tot de herindeling raadslid was in Littenseradiel. Nu zette hij zijn handtekening namens Súdwest-Fryslân. Quatro Paques werd vertegenwoordigd door Johan Paques.

Het voormalige gemeentehuis wordt de komende maanden verbouwd tot appartementencomplex voor senioren. Er komen achttien appartementen en een ‘dorpskamer’, voor ontmoeting en welzijnsactiviteiten. De verbouw begint in maart. De planning is dat de appartementen rond de jaarwisseling in gebruik worden genomen. Voor de verhuur van de appartementen sloot de nieuwe eigenaar een huurovereenkomst met zorgorganisatie Patyna.

Foto: Wethouder Mark de Man van Súdwest-Fryslân en Johan Paques van Quatro Paques bezegelen de verkoop met hun handtekeningen.

Ondertekening verkoop gemeentehuis Wommels

Súdwest-Fryslân roept sportverenigingen, sport- en beweegaanbieders en organisaties uit welzijn, zorg en onderwijs op mee te doen aan het gemeentelijk Sport én Beweeg Akkoord, waarvoor op 22 januari de officiële aftrap was. Het doel is om de sportcultuur en -structuur verder te versterken, bijvoorbeeld door meer samenwerking.

Qua bewegen doen de inwoners van Súdwest-Fryslân het al beter dan het landelijk gemiddelde: 68,2 procent van de inwoners voldoet aan de beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad, tegen 63 procent landelijk. Dit houdt voor volwassenen in dat zij ten minste 2,5 uur per week, verspreid over diverse dagen, aan matig intensieve inspanning doen, en tweemaal per week spier- en botversterkende activiteiten verrichten.

“Er gebeurt in Súdwest-Fryslân al veel”, zegt sportformateur André Kasel, die blij verrast was over het enthousiasme van de ruim zeventig deelnemers aan de officiële aftrap. “Er zijn hier mooie evenementen, er is een breed aanbod van sport en er zijn veel gedreven verenigingen. Ook de scholen en andere sportaanbieders lieten diverse zaken zien om trots op te zijn.”

Er kwamen echter ook genoeg punten aan bod waarover men zich zorgen maakt of waarin verbetering een wens is. Nynke den Heijer van Let’s Move: “Thema’s als voldoende vrijwilligers, ondersteuning van de besturen, betere samenwerking tussen de verschillende organisaties en een aanbod voor minder draagkrachtigen. Het is maar een greep uit de suggesties.”

Het Sport én Beweeg Akkoord in Súdwest-Fryslân krijgt nu een vervolg met thematische bijeenkomsten door de gehele gemeente. Data en locaties volgen. “Praat en denk mee voor de juiste inzet”, zegt Kasel.

Wie wil meedoen kan zich melden via e-mail op sport@sudwestfryslan.nl. Meer informatie over het Nationaal Sportakkoord op allesoversport.nl/sportakkoord/.

De gemeente Súdwest-Fryslân herdenkt eind januari de slachtoffers van de Holocaust met een tijdelijk lichtmonument in Bolsward en Sneek. Op zaterdag 25 januari staat Levenslicht van kunstenaar Daan Roosegaarde naast de Martinikerk in Bolsward. Bezoekers van de Holocaustherdenking in de kerk leggen vanaf 19.30 uur samen met leerlingen van het Marne College de steentjes neer die samen het monument vormen. De muzikale herdenking begint om 20.00 uur en is gratis toegankelijk.

Maandag 27 en dinsdag 28 januari is het lichtmonument te zien in de voormalige bibliotheekruimte aan Marktplein 1 in Bolsward. Daarna verhuist het naar het Súdwesthûs in Sneek, waar het van 29 januari tot en met 2 februari tijdens openingstijden te zien in. In de avonduren is het monument verlicht en vanaf de straatkant goed te zien.

Roosegaarde heeft het monument gemaakt in opdracht van het Nationaal Comité 4 en 5 mei. Het bestaat uit 104.000 lichtgevende herdenkingsstenen. Dit is gelijk aan het aantal Holocaustslachtoffers uit Nederland. De stenen zijn verspreid over meer dan 170 gemeenten. Met het monument wil het Nationaal Comité 4 en 5 mei het bewustzijn vergroten dat in heel Nederland Joden, Roma en Sinti woonden. En dat de mensen die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn vervolgd, gedeporteerd en vermoord, plaatsgenoten of buren waren.

Dit jaar is het 75 jaar geleden dat er een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Overal in het land worden daarom herdenkingen en vieringen georganiseerd.

Inwoners van Súdwest-Fryslân krijgen een belangrijke stem bij het bepalen van de bijdrage van de gemeente aan de energietransitie in het kader van de Regionale Energie Strategie (RES). Voor het bevragen van de inwoners huurt de gemeente de onafhankelijke specialisten in van het Nederlands Platform Burgerparticipatie en Overheidsbeleid (NPBO).

Het NPBO heeft specifiek voor de energietransitie een methode ontwikkeld om burgers nadrukkelijk te betrekken bij de beleids- en besluitvorming. Dat Súdwest-Fryslân kiest voor deze NPBO-methode is geen toeval. “Wij hebben lering getrokken uit het recente verleden”, zegt Erik Faber, wethouder duurzaamheid.

Hij doelt op de maatschappelijke onrust rondom de realisatie van Windpark Fryslân in het IJsselmeer en de bouw van turbines bij Hiddum Houw, nabij de kop van de Afsluitdijk. “Met de wensen van de inwoners is toen nauwelijks of geen rekening gehouden.” Ook de gemeente kon weinig uitrichten tegen beide windparken.

Voor de bijdrage aan de RES kiest Súdwest-Fryslân met de NPBO-methode voor een unieke koers, als eerste gemeente in Nederland. “Wij willen eerst weten hoe onze inwoners de energietransitie willen vormgeven”, zegt Faber. “Maar het moet niet alleen blijven bij de vraag hoe. De bedoeling is dat onze inwoners straks ook meehelpen de plannen voor de RES te realiseren.”

De RES Fryslân is een manier om samen met provincie, Wetterskip Fryslân en de andere Friese gemeenten te komen tot keuzes voor de opwekking van duurzame elektriciteit en de energietransitie in de gebouwde omgeving. Dit als vervolg op het Klimaatakkoord dat door de regering in Den Haag is vastgesteld en waarin afspraken staan over de ontwikkeling van duurzame energie in de decennia tot 2050.

Hoewel de inwoners dankzij de werkwijze van de NPBO veel ruimte krijgen om ideeën te uiten, zijn er wel grenzen. Faber: “De NPBO noemt dit ‘het afbakenen van het speelveld’. Eerst moet worden onderzocht met welke bestuurlijke en politieke beperkingen er rekening gehouden moet worden. Want het heeft geen zin om met plannen te bedenken waarvan al vaststaat dat de gemeenteraad ze niet wil.”

Als ‘het speelveld’ eenmaal is bepaald, kunnen de inwoners los. De inspanningen moeten leiden tot een advies, dat aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Faber: “Want de raad heeft ook hier het laatste woord. Zoals met alle belangrijke zaken in de gemeente.” De planning is dat Súdwest-Fryslân het traject voor de zomervakantie afrondt.

Wie geïnteresseerd is in het onderwerp, de NPBO-methode of een bijdrage wil leveren aan het onderzoek kan zich melden op het mailadres RES@sudwestfryslan.nl. Meer informatie over de RES op www.npres.nl.

Súdwest-Fryslân steekt dit jaar extra energie in het vergroenen van de leefomgeving. Zo krijgt de succesvolle actie ‘Steenbreek’ een vervolg.

Met de slogan ‘Tegel eruit, plant erin’ wil de gemeente inwoners dit jaar opnieuw stimuleren de eigen voortuin te vergroenen. Wie geen voortuin heeft, kan zich bij de gemeente aanmelden voor een geveltuin.

Vorig jaar legde de gemeente 60 geveltuinen aan, in Bolsward, Gauw, Hindeloopen, IJlst, Makkum, Nijland, Sneek, Workum en Woudsend. Dit jaar wil de gemeente het aantal uitbreiden naar 150.

“Wij doen als gemeente al veel om de openbare ruimte groen te houden”, zegt wethouder Erik Faber. “Maar zonder de hulp van onze inwoners kunnen we niet. Want ongeveer 40 procent van het stedelijk gebied is van inwoners.”

Op zaterdag 4 april organiseert de gemeente een steenbreekdag. Verder organiseert ze – samen met Groei & Bloei Sneek en Accolade – ook dit jaar de verkiezing van de meest vergroende voortuinen en mooiste geveltuinen in de gemeente.

Aanmelden voor de aanleg van een geveltuin kan op www.sudwestfryslan.nl/steenbreek.

In Sneek is begonnen met de restauratie van de monumentale kademuur van de Looxmagracht. De gemeente Súdwest-Fryslân heeft voor de omvangrijke klus ruim 1,5 miljoen euro uitgetrokken. Het streven is dat het werk voor de zomervakantie (halverwege juli) klaar is.

De gemetselde kademuur, een Rijksmonument, is al een tijdje toe aan een grote renovatie. De gemeente begon de voorbereidingen al in november 2018, in samenwerking met de Rijksdienst van Cultureel Erfgoed. Na een onderwateronderzoek bleek de onderhoudsstaat van de kade slechter dan gedacht. Om mogelijk verdere verzakkingen te voorkomen, mag er sindsdien niet meer geparkeerd worden langs de kade.

In de loop van vorig jaar werden de kosten van de klus geraamd op ruim 1,5 miljoen euro. De gemeente had dit geld echter niet eerder beschikbaar dan in 2020. “Dat was bekend, maar we hebben niet stil gezeten”, zegt wethouder Mark de Man. “De meeste voorbereidende werkzaamheden zijn gedaan, waardoor de aannemer nu meteen aan de slag kan. De restauratie is een mooie bijdrage aan de verdere verfraaiing van de Sneker binnenstad.”

Afgelopen najaar werd de Waterpoortsgracht al heringericht, in het kader van het ‘Groene Kade project’. Dit betreft het realiseren van een aaneengesloten groenzone langs de Sneker grachten waarlangs gewandeld kan worden.

Inmiddels zijn langs de Looxmagracht twaalf lindes gekapt. Daarvoor komen even veel lindes terug, maar dan van verschillende soorten om de biodiversiteit te bevorderen. Vier gezonde bomen blijven staan.

Tegelijk met de restauratie van de kademuur (over een afstand van 180 meter) wordt ook een deel van de weg aangepakt. Het werk wordt uitgevoerd door Oosterhof Holman uit Harlingen.

Als resultaat van de gesprekken die afgelopen weken gevoerd zijn met alle politieke partijen in de gemeenteraad van Súdwest-Fryslân zal D66 aansluiten bij de huidige coalitie van CDA, VVD en GroenLinks. Mevrouw Mirjam Bakker (Sneek) wordt namens D66 voorgedragen als nieuwe wethouder in het college van burgemeester en wethouders.

Mevrouw Bakker is op dit moment bestuursadviseur bij Wetterskip Fryslân. In de vorige bestuursperiode maakte ze ook deel uit van het college. Bakker zal gezien haar ervaring en competenties goed kunnen aansluiten bij het huidige college. Ze is een teamplayer, heeft veel bestuurservaring en beschikt over een provinciaal netwerk. De coalitie is verheugd dat D66, met mevrouw Bakker, de coalitie wil komen versterken.

Gesprekken

De fractievoorzitters van CDA, VVD en GroenLinks hebben gesproken met alle partijen in de gemeenteraad. D66 en de FNP bleven over voor vervolggesprekken. De FNP heeft zich na die gesprekken om inhoudelijke redenen teruggetrokken.

Vervolg

Het hoofdlijnenakkoord van deze bestuursperiode wordt ongewijzigd voortgezet. De portefeuilleverdeling wordt nog nader uitgewerkt. De datum van benoeming moet nog worden vastgesteld. De verwachting is dat dit in februari plaatsvindt.

Op last van burgemeester Jannewietske de Vries van Súdwest-Fryslân is met ingang van 8 januari een woning aan de Mansel in Sneek voor de duur van drie maanden gesloten.

Uit politieonderzoek is gebleken dat de bewoner handelde in harddrugs. Tijdens een inval werd een handelshoeveelheid van 18 gram cocaïne in de woning aangetroffen evenals aan drugshandel te relateren goederen (zoals verpakkingsmaterialen en een weegschaal met poederresten). Ook werd tijdens hetzelfde onderzoek in de personenauto van de bewoner 50,5 gram harddrugs aangetroffen die ook voor de handel bestemd was.

Omdat er sprake is van handel en aanwezigheid van een handelshoeveelheid harddrugs heeft de burgemeester op basis van het Damoclesbeleid Artikel 13b Opiumwet besloten het pand voor de duur van drie maanden te sluiten. De sluiting van drugspanden moet drugscriminaliteit tegengaan, en verstoring van de openbare orde en aantasting van het woon- en leefklimaat voorkomen.