Persberichten

Wat is er verzonden naar de media? Hieronder vind je een overzicht.

Vragen kun je stellen via:

kranten

Mei 2020

Op last van burgemeester Jannewietske de Vries van Súdwest-Fryslân is met ingang van 26 mei een woning aan It Leech in Zurich voor de duur van drie maanden gesloten.

Uit politieonderzoek bleek dat de bewoner een hennepkwekerij in zijn woning had met 251 planten. Omdat het hier gaat om een handelshoeveelheid softdrugs heeft burgemeester De Vries besloten het pand drie maanden te sluiten. Dit besluit heeft zij genomen op basis van het Damoclesbeleid Artikel 13b Opiumwet.

Met de sluiting van het pand wordt de betrokkenheid van deze locatie met drugshandel verbroken. Bovendien wil de gemeente een signaal afgeven dat dit type activiteiten niet wordt getolereerd in onze regio. De handel in drugs trekt georganiseerde criminaliteit aan en leidt tot drugstoerisme.

De gemeente Súdwest-Fryslân wil dit bestrijden en hecht grote waarde aan het beschermen van de openbare orde en veilihgeid en het woongenot van de inwoners.

Meld Misdaad Anoniem

De gemeente roept haar inwoners dan ook om verdenking van criminaliteit vooral te melden bij ‘Meld Misdaad Anoniem’ en zo een bijdrage te leveren aan de veiligheid in de omgeving.

Sommige jongeren vinden het lastig om een goede invulling te vinden voor hun vrije tijd. Terwijl juist een goede invulling van vrije tijd tot minder verveling leidt.  De gemeente Súdwest-Fryslân heeft daarom speciaal voor deze jongeren een Klussendienst ingericht.

Jongeren kunnen zich bij de gemeente aanmelden om kleine klussen te doen in de openbare ruimte. Deze klussen zijn zo veel mogelijk gebiedsgericht en ‘coronaproof’. “We bedoelen hiermee dat we de jongeren de werkzaamheden zo veel mogelijk in hun eigen leefomgeving laten doen”, zegt wethouder Mark de Man. “Denk hierbij aan klusjes in de groenvoorziening, het uitvoeren van kleine reparaties en of het opruimen van zwerfafval in en rond eigen stad of dorp. Op deze manier willen we ook de betrokkenheid bij de eigen omgeving stimuleren.”

De gemeente zoekt honderd jongeren die tot september wekelijks een klus willen doen. Als tegenprestatie worden de jongeren beloond met tegoedbonnen voor sport en cultuur, zoals een workshop drummen, karate of streetdance.

Het oprichten van een klussendienst voor jongeren is onderdeel van het programma Cool Súdwest. In dit programma maakt Súdwest-Fryslân gebruik van onderdelen die in IJsland succes hadden bij het terugdringen van het gebruik van alcohol en andere genotsmiddelen onder jongeren.

Met Cool Súdwest wil de gemeente Súdwest-Fryslân eraan bijdragen dat jongeren zo gelukkig en gezond mogelijk opgroeien. “Als jongeren in de vrije tijd uitgedaagd worden en hun talenten zoveel mogelijk benutten, voelen ze zich beter, meer gewaardeerd en vervelen ze zich minder”, zegt wethouder De Man.

Het initiatief van de Klussendienst is een samenwerking tussen GGD Fryslân, Cultuur Kwartier Sneek, Sport Fryslân, Sociaal Collectief Fryslân en staat onder regie van de gemeente Súdwest-Fryslân.

Op last van burgemeester Jannewietske de Vries van Súdwest-Fryslân is met ingang van 22 mei een loods aan De Zwaan in Woudsend voor de duur van drie maanden gesloten.

In de loods aan De Zwaan bleek een hennepkwekerij te zijn met 667 planten. Omdat het hier gaat om een handelshoeveelheid softdrugs  heeft burgemeester De Vries besloten het pand drie maanden te sluiten.Dit besluit heeft zij genomen op basis van het Damoclesbeleid Artikel 13b Opiumwet.

Met de sluiting van het pand wordt de betrokkenheid van deze locatie met drugshandel verbroken. Bovendien wil de gemeente een signaal afgeven dat dit type activiteiten niet wordt getolereerd in onze regio. De handel in drugs trekt georganiseerde criminaliteit aan en leidt tot drugstoerisme.

De gemeente Súdwest-Fryslân wil dit bestrijden en hecht grote waarde aan het beschermen van de openbare orde en veilihgeid en het woongenot van de inwoners.

Meld Misdaad Anoniem

De gemeente roept haar inwoners dan ook om verdenking van criminaliteit vooral te melden bij ‘Meld Misdaad Anoniem’ en zo een bijdrage te leveren aan de veiligheid in de omgeving.

De komende tijd krijgen brugdekken in Bolsward, Ferwoude, Sneek, Stavoren en IJlst een nieuwe slijtlaag. De brug van Stavoren zal drie dagen gestremd zijn. Bij de andere bruggen zal het verkeer hinder ondervinden, maar ze worden niet gestremd.

Verkeershinder Ferwoude, Bolsward, Sneek en IJlst

Als het droog weer is, begint aannemer Zijlstra Beton eind mei met het aanbrengen van de nieuwe slijtlagen. Bij deze bruggen zal het verkeer hinder ondervinden:

  • Ferwoude, Djipwei  (2 dagen)
  • Bolsward, Ielreager (1 dag)
  • Bolsward, Strânljip (1 dag)
  • Sneek, Obe Postmastraat (2-3 dagen)
  • IJlst, Sneekerpad (1 dag)
  • IJlst, Croleskwartier 85 (1 dag)
  • IJlst, Croleskwartier 90 (1 dag)

Brug gestremd in Stavoren

De brug aan de Stationsweg in Stavoren zal waarschijnlijk gestremd zijn van 2 t/m 4 juni. Er komen van tevoren vooraankondigingsborden en tijdens de stremming zelf staat de omleidingsroute op gele borden aangeven.

Afhankelijk van het weer

De werkzaamheden zijn weersgevoelig en daarom kan het werk eerder of later klaar zijn. De aannemer probeert de overlast zoveel mogelijk te beperken. Met de nieuwe slijtlagen kunnen de bruggen er weer jaren tegenaan.

Horecaondernemers in Súdwest-Fryslân mogen hun terrassen vanaf 1 juni tijdelijk uitbreiden. Met deze maatregel komt de gemeente tegemoet aan de wensen van de horecabedrijven zelf.

Vanaf 1 juni, pinkstermaandag, mag de horeca weer open. De ondernemers moeten daarbij nog wel rekening houden met diverse beperkingen. Zo geldt voorlopig een limiet voor het aantal gasten dat tegelijkertijd binnen mag verblijven. In de buitenlucht, op terrassen, geldt deze beperking niet, hoewel ook daar het uitgangspunt is dat gasten onderling ten minste 1,5 meter afstand moeten houden.

Nu Súdwest-Fryslân extra terrasruimte wil toestaan, kunnen horecabedrijven hun gasten wellicht even veel zitgelegenheid bieden dan voor de coronamaatregelen. De tijdelijke maatregel is ten hoogste vier maanden van kracht, tot uiterlijk 1 oktober.

De horecaondernemers hebben voor de tijdelijke uitbreiding geen nieuwe of aangepaste vergunning nodig. Dit scheelt tijd en voorkomt extra kosten. Wel moet de uitbreiding voldoen aan een aantal voorwaarden voor de openbare orde en veiligheid en het doorgaande verkeer. Zo moet de bereikbaarheid voor nood- en hulpdiensten, ondernemers en andere bewoners gegarandeerd zijn.

Om dit te kunnen beoordelen moeten de ondernemers de gewenste uitbreiding nog wel bij de gemeente aanvragen. Na goedkeuring door de gemeente ontvangen zij een gedoogbeschikking tot uiterlijk 1 oktober.

Vraag vóór 25 mei een terrasverruiming aan via onze website. Hier vind je ook meer informatie over de tijdelijke terrasverruiming.

Met ingang van vrijdagmiddag 8 mei is het gehele azc Sneek voor drie dagen in preventieve quarantaine geplaatst. Dit is besloten na gezamenlijk overleg van Veiligheidsregio Fryslân, GGD Fryslân en het COA.

Na een eerste vastgestelde coronabesmetting van een azc-bewoner, op maandag 4 mei, zijn volgens het nieuwe testbeleid inmiddels honderd bewoners van het azc getest. Bij 22 personen is daarbij een coronabesmetting vastgesteld. Dit was aanleiding tot het besluit de gehele locatie op slot te doen, om alle bewoners en medewerkers een test te laten ondergaan.

COA-richtlijnen

Locatiemanager Benny Schonewille van azc Sneek: “De besmette persoon is meteen maandag volgens COA-richtlijnen met gezinsleden in afzondering geplaatst. Dit betekent dat het gezin in de eigen woonruimte moest verblijven, waar zij een eigen toilet en douche tot hun beschikking hebben. Voor hun was, en voor eten en drinken werd gezorgd, zodat de familieleden hun woonruimte niet hoefden te verlaten.”

In de dagen erna kwamen na tests meer besmettingen aan het licht. Ook deze mensen en hun familieleden zijn in isolatie geplaatst.  Schonewille: “In overleg met de GGD is besloten om alle bewoners van twee afdelingen van het azc te laten testen.” Dit betrof honderd personen. Bij vijftien van hen is een coronabesmetting vastgesteld. Samen met de eerder vastgestelde besmettingen komt het totaal aantal besmettingen op 22.

Vanwege dit aantal is vandaag besloten om de locatie drie dagen preventief op slot te doen en alle bewoners en medewerkers die nog niet getest zijn te testen. Schonewille: “Deze quarantaineperiode gaat per direct in.”

GGD

Directeur Margreet de Graaf van GGD Fryslân wijst op het nieuwe testbeleid dat dit sinds woensdag 7 mei van kracht is. “Voortaan testen we mensen die in contact zijn geweest met personen bij wie corona is vastgesteld, ook als deze mensen zelf geen ziekteverschijnselen vertonen.” Met dit nieuwe testbeleid probeert de GGD het virus verder in te dammen. “Dit nieuwe beleid hebben we meteen toegepast in het azc in Sneek, met als gevolg dat we nieuwe positieve resultaten hebben vastgesteld. Geen van de positief geteste bewoners hoefde opgenomen te worden in het ziekenhuis.”

“We weten dat ‘meer testen’ ook ‘meer positieve testen’ oplevert”, zegt De Graaf. “Maar dat betekent niet dat het virus zich hier anders ontwikkelt dan op andere plaatsen. We weten er alleen meer over. Het betekent dus ook niet dat meer positieve testen ook meer risico voor anderen oplevert. Voorheen kon het virus in dezelfde mate aanwezig zijn, maar dan zonder dat we dat wisten. Voor het beperken van de verspreiding van het virus kan deze wijze van testen helpen.”

Voor het verdere contactonderzoek van die positieve personen test de GGD dit weekend ook de andere bewoners en de medewerkers. Om eventuele verspreiding van het virus te beperken, is het centrum drie dagen gesloten. Dan zijn alle tests afgerond. Wie positief test, blijft veertien dagen in zijn wooneenheid.

Gemeente

Burgemeester Jannewietske de Vries van Súdwest-Fryslân, waarvan Sneek onderdeel is, heeft vertrouwen in de preventieve maatregelen van het COA en de GGD. “Want zo kunnen we de gezondheid van onze inwoners zo goed mogelijk beschermen. Dat geldt voor zowel de bewoners van het azc, als voor de bewoners van de Noorderhoek”, zegt De Vries, die lovend is over de GGD. “Heel goed dat de GGD hier al meteen het nieuwe testprotocol heeft toegepast.”

Tegelijkertijd is ze zich ervan bewust dat het voor de azc-bewoners niet gemakkelijk zal zijn om een tijdje binnen te moeten blijven. “Deze mensen hebben immers vaak al een geschiedenis van niet vrij zijn achter zich. Maar voor hun gezondheid en voor die van de omwonenden is dit nu het beste.”

De burgemeester wijst er op dat er sinds de komst van het azc, in 2016, goede contacten zijn met de wijkbewoners, vertegenwoordigd door het wijkplatform Noorderhoek. “Ook nu is er goede samenwerking. Dat is mooi om te zien.”

Meer informatie vind je in het nieuwsbericht op de website van het coa.

Súdwest-Fryslân is enthousiast over het plan om het dorpshuis in Arum te integreren in de nieuwbouw van basisschool De Oanrin. Nu maken verenigingen in het dorp voor hun activiteiten nog gebruik van gebouwen van de kerk, maar het kerkbestuur wil deze verkopen.

De Oanrin is nu nog gehuisvest in de schoolgebouwen van voorheen De Hoekstien (christelijk) en De Opslach (openbaar), die in 2017 fuseerden. In het nieuwe schoolgebouw, dat gepland is aan de Sytzamaweg, krijgt ook de kinderopvang een plek.

Het plan is nu om de nieuwbouw van de school met enkele tientallen vierkante meters te vergroten. Door dubbelgebruik van het speellokaal en de gemeenschappelijke ruimtes kunnen ook verenigingen in Arum er in de toekomst uit de voeten. De extra vierkante meters vragen een investering van 140.000 euro.

“Dorpsbelang Arum had al een tijd het idee om de dorpshuisfunctie in de nieuwe school onder te brengen, geweldig dat dit nu gerealiseerd kan worden”, zegt wethouder Erik Faber. “En heel mooi dat het kerkbestuur van Arum financieel te hulp schiet.” Het is bereid om 70.000 euro bij te dragen uit de opbrengst van de verkoop van de kerkgebouwen. Voor het resterende bedrag rekent de gemeente op een bijdrage van 35.000 euro uit de provinciale dorpshuizenregeling. Súdwest-Fryslân draagt ook zelf 35.000 euro bij.

“Het meervoudig gebruik onder een dak biedt allerlei kansen, bijvoorbeeld om leerlingen te laten kennismaken met muziek, dankzij de leden en instrumenten van het muziekkorps”, zegt wethouder Mirjam Bakker.

De gemeenschappelijke ruimte die met de extra investering ontstaat is 150 vierkante meter groot. “Daardoor is deze ruimte niet alleen geschikt voor wekelijks gebruik, maar ook voor bijvoorbeeld meer incidentele uitvoeringen en optredens”, zegt Bakker. “En het zorgt voor nieuw elan in de verenigingen, waarvan de leden niet alleen uit Arum komen, maar ook uit de omliggende dorpen.”

April 2020

De Zwaantjespostbrug in de Marktstraat in Bolsward is in slechte staat. Daarom wordt op woensdag 29 april tot (op zijn laatst) vrijdag 1 mei een tijdelijke brug over de bestaande brug geplaatst. Het verkeer moet die dagen omrijden. Het is nog niet bekend wanneer de brug wordt vervangen.

Betonrot

Eind vorig jaar kwam aan het licht dat de Zwaantjespostbrug ernstige gebreken vertoont. De gemeente heeft een aannemer en een externe adviseur gevraagd om de situatie in kaart te brengen. Het gaat om betonrot, iets wat eerder nog niet zichtbaar was.

Tijdelijke brug

Er zijn op korte termijn verkeersmaatregelen nodig. De gemeente plaatst daarom een tijdelijke brug over de bestaande brug. Deze tijdelijke brug wordt op woensdag 29 april en donderdag 30 april geplaatst, met eventueel uitloop naar vrijdag 1 mei. De brug is dan gestremd. Het doorgaande verkeer wordt via omleidingen door het centrum geleid.

Nieuwe brug

Het lukt niet om de Zwaantjespostbrug voor deze zomer nog te vervangen. De gemeente overlegt met de Vereniging van Ondernemers Bolsward en Platform Bolsward wanneer dat wel gaat gebeuren. In eerste instantie zou dit direct na de bouwvak, maar vanwege de coronacrisis is het voorjaar van 2021 ook een optie. Het vervangen van de brug duurt ongeveer drie maanden.

Inwoners van Súdwest-Fryslân kunnen tot en met 3 mei meedoen aan een onderzoek over de toekomst van de energievoorziening. Het onderzoek vindt plaats in het kader van de Regionale Energie Strategie (RES). De gemeente heeft voor het onderzoek onafhankelijke specialisten ingehuurd van de TU Delft en het Nederlands Platform Burgerparticipatie en Overheidsbeleid (NPBO).

Nederland wil in 2030 voor de helft op duurzame energie draaien. Dit staat in het Klimaatakkoord van het kabinet. Ook Súdwest-Fryslân is verplicht een bijdrage te leveren. Daarvoor heeft de gemeente de hulp van inwoners nodig.

De vragenlijst is mede tot stand gekomen dankzij de inbreng van een groep inwoners. Samen hebben deze inwoners een aantal ideeën uitgewerkt waar deelnemers punten aan kunnen toekennen. De vragenlijst is bedoeld voor inwoners van 14 jaar en ouder. Vragenlijst Toekomst van energie

De resultaten van het onderzoek worden verwerkt in een advies, dat aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. De planning is dat Súdwest-Fryslân het traject voor de zomervakantie afrondt.

Het NPBO heeft samen met de TU Delft speciaal voor de energietransitie een methode ontwikkeld om inwoners te betrekken bij de beleids- en besluitvorming. Dat Súdwest-Fryslân kiest voor deze NPBO-methode is geen toeval. “Wij hebben lering getrokken uit het recente verleden”, zegt wethouder Erik Faber.

Hij doelt op de maatschappelijke onrust rondom de realisatie van Windpark Fryslân in het IJsselmeer en de bouw van turbines bij Hiddum Houw, nabij de kop van de Afsluitdijk. Dat is provinciaal bepaald. “Met de wensen van de inwoners is toen onvoldoende rekening gehouden.” Ook de gemeente kon weinig uitrichten tegen beide windparken.

Voor de bijdrage aan de RES heeft Súdwest-Fryslân met de NPBO-methode gekozen voor een unieke koers, als eerste gemeente in Nederland. “Wij willen eerst weten hoe onze inwoners de energietransitie willen vormgeven”, zegt Faber. “Maar het moet niet alleen blijven bij de vraag hoe. De bedoeling is dat onze inwoners straks ook meehelpen de plannen voor de RES te realiseren. Ik roep dan ook alle inwoners, van jong tot oud, op om deze vragenlijst in te vullen.”

Súdwest-Fryslân trekt 1,4 miljoen euro uit voor vervanging en verduurzaming van de openbare verlichting. Voor dat bedrag worden – in de periode tot 2025 – zo’n 4000 armaturen en ruim 500 masten vervangen.

Dankzij de vervanging bespaart de gemeente fors op het energieverbruik. De ruim 4000 te vervangen armaturen gebruiken jaarlijks zo’n 650.000 kWh. Na vervanging – door LED verlichting – loopt het verbruik terug tot 275.000 kWh, een besparing van bijna 60 procent.

“Met deze energiezuinige verlichting dragen we ons steentje bij aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord”, zegt wethouder Mark de Man. “Tegelijkertijd moeten we niet uit het oog verliezen dat het bevorderen van veiligheid het belangrijkste doel van openbare verlichting is. Niet alleen de veiligheid voor het verkeer, maar ook de sociale veiligheid in een stad of dorp.”

In de praktijk betekent dit dat er in Súdwest-Fryslân vrijwel alleen masten staan binnen de bebouwde kommen van de 89 steden en dorpen. De openbare verlichting in de hele gemeente bestaat uit ruim 18.500 masten en armaturen.

Maart 2020

De restauratie van de monumentale stadhuistoren van Bolsward kost de gemeente 3,28 miljoen euro. Voor dat bedrag worden niet alleen de toren met carillon en de houten draagconstructie hersteld. Meteen wordt ook de schade aan de balken en de kapconstructie van de oude raadszaal, de voormalige burgemeesterskamer en de oude waag onder handen genomen.

“Toen ik het restauratierapport las en het bedrag onder ogen kreeg, moest ik wel even slikken”, zegt wethouder Mirjam Bakker. “Maar natuurlijk krijgt Bolsward de toren terug. Er is geen haar op mijn hoofd die eraan denkt om niet te restaureren.” De andere leden van het college denken er precies zo over. Vandaar dat de gemeenteraad in april wordt voorgesteld het geld beschikbaar te stellen.

Dat de bonte knaagkever in de toren zit is al decennia bekend. Het beestje is in de periode tussen 1980 en 2000 intensief bestreden. De  afgelopen tien jaar is van de knager weinig activiteit meer waargenomen, hoewel er het afgelopen jaar nog wel een klein aantal kevers is gevangen.

Tijdens de werkzaamheden aan Cultuur Historisch Centrum ‘De Tiid’ werd duidelijk welk verwoestend werk de kever door de jaren heen heeft verricht. “Een flink aantal balken is van binnenuit aangevreten”, vertelt Bakker. “Volgens de deskundigen moet dat geknaag al een eeuw geleden zijn begonnen.”

De schade kwam pas aan het licht tijdens demontage en zogenaamd ‘destructief onderzoek’. “Je moet dan materiaal weghalen, zoals een complete zoldervloer, om schade beter in beeld te krijgen. Zoiets gebeurt eigenlijk nooit tijdens reguliere inspecties van bijvoorbeeld de Monumentenwacht.” Dit verklaart ook waarom er niet eerder alarm is geslagen.

Om ongelukken te voorkomen is de toren vorig najaar in drie delen ontmanteld, opgeslagen en nauwgezet geïnspecteerd. Dit leidde tot een restauratieplan met verschillende scenario’s. Het college heeft nu gekozen voor de variant waarbij een staalconstructie de draagfunctie van de oude houten constructie overneemt.

De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed en Hûs & Hiem hebben voorkeur voor de variant waarin weliswaar ook staal wordt gebruikt, maar meer ruimte is voor traditioneel herstel van de houten constructie. Deze variant is zo’n 200.000 euro duurder. “Wat bij onze keus de doorslag heeft gegeven, is de wens om de risico’s in dit project zo veel mogelijk te beperken. Niet alleen nu, maar ook voor later”, zegt Bakker. “Deze oplossing is het veiligst en meest duurzaam voor de lange termijn.”

Als de gemeenteraad in april akkoord gaat kan na de zomervakantie met de herstelwerkzaamheden worden begonnen. Deze zullen ongeveer tien maanden duren.

De voedselbanken Sneek-Wymbritseradiel en Bolsward krijgen beide een financiële bijdrage van de gemeente Súdwest-Fryslân. Beide voedselbanken hadden over 2019 een tekort dat nu door de gemeente wordt aangevuld. In Sneek gaat het om een bedrag van 4000 euro, Bolsward zat 1500 euro in de min.

De twee voedselbanken draaien al jaren zonder gemeentelijke subsidie, maar zowel ‘Sneek-Wymbritseradiel’ als ‘Bolsward’ verwacht dat dit niet vol te houden is. “We zijn blij met de bijdrage over 2019, maar we maken ons zorgen over de toekomst”, zegt voorzitter Tom Metz van de Sneker voedselbank. “Aan voedselveiligheid worden al maar strengere eisen gesteld, en dat leidt tot hogere kosten. Zo teren we langzaam maar zeker in op onze reserves.”

De voedselbank Sneek-Wymbritseradiel verhuisde enkele maanden geleden noodgedwongen naar een groter en duurder pand, aan de Professor Zernikestraat in de stad. “Het zou mooi zijn als de gemeente voor een belangrijk deel bijdraagt in de huur”, zegt Metz. “We vragen 12.000 euro per jaar.” De voedselbank in Bolsward vraagt om een jaarlijks bedrag van 5000 euro.

Wethouder Gea Wielinga zegde al toe de mogelijkheden voor jaarlijkse subsidie te onderzoeken. “Het moet wel passen in het gemeentelijk armoedebeleid”, zegt ze. “Om armoede te bestrijden zijn er al verschillende gemeentelijke en landelijke regelingen. Maar ook wij zien dat er in de praktijk directe voedselhulp nodig is voor mensen die om wat voor reden dan ook tijdelijk of permanent in de knel zitten.”

Voorzitter Metz van Sneek-Wymbritseradiel wijst er op dat uit cijfers van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat de voedselbanken, ondanks de economische bloei in de afgelopen vijf jaar, meer klanten krijgen die noodgedwongen langer dan drie jaar gebruik moeten maken van voedselhulp. “De druk op deze vorm van ondersteuning wordt dus groter.”

In Sneek zijn gemiddeld tussen de 55 en 75 gezinnen afhankelijk van voedselhulp, in Bolsward varieert het tussen de 35 en 70 adressen. “Maar de nood is echt veel hoger”, zegt Metz. “Uit landelijk onderzoek weten we dat de voedselbanken hooguit 20 procent van de gezinnen bereiken die gebruik van ons mogen maken.”

Aan aanvoer hebben de voedselbanken nu geen gebrek, zegt Metz. “De coronacrisis is heel vervelend, maar heeft voor ons als voordeel dat we veel etenswaar krijgen aangeleverd van hotels en restaurants die nu verplicht gesloten zijn. Die blijven er anders mee zitten.”

De werkzaamheden voor het Cultuur Historisch Centrum ‘De Tiid’ in Bolsward vorderen gestaag. Donderdag 19 maart stonden bouwer en opdrachtgever even stil bij het bereiken van het hoogste punt van de nieuwbouw.

Normaal gesproken is dit een feestelijke gebeurtenis waaraan flink aandacht wordt gegeven. Door de maatregelen in verband met de uitbraak van het coronavirus was besloten tot een bescheiden samenkomst.

Projectleider Sietse la Roi sprak namens het gemeentebestuur zijn dank uit aan de medewerkers van bouwcombinatie Jurriëns Noord en Aannemingsmaatschappij Friso en alle andere betroken partijen, die onder deze bijzondere omstandigheden toch uitvoering blijven geven aan de opdracht. De werkzaamheden liggen op schema, hoewel het werk bemoeilijkt wordt nu ook op de bouwplaats de richtlijnen en afspraken gelden in het kader van de coronacrisis.

Het echte hoogste punt van het complex is vanzelfsprekend de toren van het monumentale stadhuis. Het college is van plan om volgende week een voorstel naar de gemeenteraad sturen over het herstel van de toren en de kosten die daarmee gemoeid zijn. De bedoeling is dat de gemeenteraad daarover op 23 april een besluit neemt, althans als de raad dan in vergadering bijeen kan zijn.

Ruim tweeduizend jaar geleden, rond het begin van de jaartelling, was in Sneek ook al ‘industrie’ op de plek waar bedrijventerrein De Hemmen 3 wordt aangelegd. Dit concluderen archeologen na onderzoek en opgraving van een kleine veenterp in het gebied. “Een interessante puzzel”, zegt archeoloog Yvonne Boonstra van de gemeente Súdwest-Fryslân.

Het veenlandschap rond Sneek was zo’n tweeduizend jaar geleden bezaaid met kleine huisterpjes. Deze veenrandzone, op de overgang naar het kleigebied richting zee, had een grote aantrekkingskracht op de mens. Doorgaans huisde men in boerderijtjes op opgeworpen woonheuveltjes, en probeerde men zo zelfvoorzienend mogelijk te zijn. Men hield vooral koeien, schapen en/of geiten (onderscheid is moeilijk te maken op grond van het botmateriaal), wat paarden en honden. Duurzaamheid en recycling waren het uitgangspunt.

Bijzondere vondst

“Recycling is vermoedelijk een van de redenen dat we zo weinig metaal vinden in de veenterpen”, zegt Boonstra. “Het was kostbaar en werd daarom steeds hergebruikt als een voorwerp kapot was.” Des te opvallend was de vondst van diverse loden smeltfragmenten en een loden spinklosje, zegt ze. “In deze regio is metaal, laat staan lood, vrij zeldzaam.”

Uit de metaalanalyse blijkt dat het om zeer zuiver tot puur lood gaat. “Van recycling is dan waarschijnlijk geen sprake, want dan is de kans groot dat er vermenging is met andere metaalverbindingen.” Vooralsnog lijkt deze metaalbewerking een nijverheid die niet elk huishouden zelf regelde, maar echt specialistisch was, concludeert Boonstra. “In die zin kunnen we dus spreken van een kleinschalig en zeer vroeg industrieel terpje.

Geen boerderij

Wat opvalt is dat er geen duidelijke boerderij of andersoortige bebouwing is aangetroffen. De top van de terp is door erosie wel verdwenen, maar diepere sporen van bebouwing blijven doorgaans goed bewaard. Denk hierbij aan paalkuilen bijvoorbeeld, soms nog met resten van palen. “Dat komt doordat klei- en veengrond zeer goed zijn voor de conservering van hout en andere vergankelijke materialen en voorwerpen, zoals touw”, legt Boonstra uit.

De onderzoekers achten het onwaarschijnlijk dat de metaalbewerking plaatsvond in de open lucht: er zijn aanwijzingen voor een haardplaats. Ook is er verbrande klei aangetroffen, soms met afdrukken van vlechtwerk, oftewel aanwijzingen voor vloeren en muren. Ook het keukenservies duidt op een doorsnee gezinnetje van rond de jaartelling. Uit botmateriaal blijkt dat er ter plaatse werd geslacht. Waar het gebouw zelf is gebleven, blijft een mysterie.

Opgeslokt door de Middelzee

De terp werd ergens in de eerste eeuw na Christus verlaten, maar bleef zeker herkenbaar als verhoging in het landschap. Omstreeks de zevende eeuw na Christus was er weer activiteit, hier wijzen twee waterputten op. De terp verdween daarna onder het slib, door overstromingen van de grote zeegeul Middelzee. De terp was niet meer zichtbaar en raakte in de vergetelheid tot haar opgraving, twee millenniums later.

De Friese wateren kunnen gebruikt worden als verwarming van de toekomst. Provincie, Wetterskip en gemeente Súdwest-Fryslân willen warmtewinning uit water op grote schaal inzetten om huizen te verwarmen. Aquathermie is een nieuwe warmtebron en een schoon alternatief voor aardgas. In Heeg zijn vergevorderde plannen om op deze manier alle woningen in het dorp te verwarmen. Fryslân zet daarmee een eerste forse stap om Europees koploper te worden op het gebied van deze warmtetechniek.

Fryslân ziet economische kansen door kennis en kunde over aquathermie naar de provincie te halen en verder te ontwikkelen. De drie partijen willen met verschillende projecten in kaart brengen wat aquathermie betekent voor de watertemperatuur, waterkwaliteit en natuur. Daarnaast wordt onderzocht wat er nodig is op het gebied van regelgeving, financiën en organisatie voor een succesvolle invoer van deze techniek.

Warm Heeg

De inwoners van Heeg willen het Hegermeer gebruiken om het volledige dorp te voorzien van warmte. Ze sluiten daarvoor alle 864 woningen aan op een warmtenet dat gevoed wordt met warmte uit het naastgelegen meer. De Energiecoöperatie Heeg heeft het project bedacht en opgezet. Een subsidie van het rijk moet het mogelijk maken om het plan tot in detail uit te werken en uiteindelijk van start te kunnen gaan. Provincie, Wetterskip en gemeente steunen de dorpsbewoners.

Kennis opdoen

Om zoveel mogelijk ervaring op te doen met aquathermie starten in Fryslân verschillende grote en kleine projecten. Vanaf eind 2021 wordt het Swettehûs in Leeuwarden verwarmd met water uit het Van Harinxmakanaal. Vanaf deze locatie bedienen brugwachters de bruggen in Fryslân. Ook woongemeenschappen en woonwijken zijn in beeld om mee te doen als proefproject.

Aquathermie

Het winnen van warmte uit water vindt al op verschillende plekken plaats, maar is nog nooit zo grootschalig toegepast als in het plan van Heeg. Uit eerder onderzoek is gebleken dat aquathermie ruim één-derde van de Friese huizen en gebouwen van warmte kan voorzien.

Eind vorig jaar was er al een boekje over zijn leven en nu heeft de Sneker verzetsman Jan de Rapper (1907-1989) ook een eigen pad in de stad. De verbinding tussen de Kanadezenstrjitte en het Fiem, in de wijk De Zwette, draagt vanaf nu zijn naam.

Op 15 april 2020, de dag dat het 75 jaar geleden is dat Sneek door de Canadezen werd bevrijd, wordt het Jan de Rapperpaad officieel onthuld.

Jan de Rapper maakte, naast zijn baan als elektrotechnisch installateur, deel uit van de verzetsgroep Lever. Ook deze naam blijft dankzij een straatnaam in dezelfde wijk in herinnering: de Famylje Leverstrjitte.

De verzetsgroep Lever hield zich tijdens de Tweede Wereldoorlog bezig met veel illegaal werk, zoals het verzorgen en vervoeren van onderduikers, piloten en Joden, het vervoeren van bonkaarten en illegale lectuur en het gebruiksklaar maken van drukkerijen. Verder waren De Rapper en zijn geestverwanten betrokken bij wapenopslag en -transport.

Zelf heeft De Rapper nooit iets verteld over zijn werkzaamheden in het verzet. Bijna dertig jaar na zijn overlijden vonden zijn nabestaanden een doos met veel informatie, waardoor de belangrijke rol van de Sneker verzetsman duidelijk werd. Dat was voor kleindochter Yvonne de Rapper reden een boekje over haar opa te schrijven.

In de wijk De Zwette herinneren ook andere straten aan het Sneker oorlogsverleden, met namen als Dick Brouwerstrjitte, Kanadezenstrjitte, Koos Gaastrastrjitte, Koeriersterwei, Gerben Oppewalstrjitte en Haitze Wiersmastrjitte. Verzetsman Willem Santema, die in 1944 door de Duitsers werd gefusilleerd en tot dan werkgever van De Rapper was, is in Sneek al vernoemd in de wijk Lemmerweg-Oost.

Súdwest-Fryslân viert en herdenkt op grote schaal 75 jaar vrijheid. Het gaat om een breed scala aan activiteiten in tientallen steden en dorpen. Van lezingen, tentoonstellingen en concerten tot optochten, feestmaaltijden en theatervoorstellingen.

De meeste organisatoren klopten met succes aan bij de gemeente voor financiële steun. Uiteindelijk kregen 33 aanvragers positief bericht. Van hen konden 23 worden betaald dankzij de tijdelijke subsidieregeling met een budget van 90.000 euro. De gemeente stelde de subsidieregeling in om de diverse herdenkingscomités te stimuleren activiteiten te organiseren.

De andere 10 aanvragen konden voor zo’n 55.000 euro worden gehonoreerd vanwege raakvlakken met andere subsidiepotjes op het gebied van toerisme, erfgoed, representatie of cultuur.

Enkele aanvragers moesten worden teleurgesteld. Zo visten Lollum-Waaksens en Kimswerd achter het net. Hun aanvragen kwamen binnen toen de subsidiepot al leeg was. Ook op de aanvraag uit Oudega moest de gemeente ‘nee’ verkopen.

Voorbeelden van de tientallen activiteiten in het kader van ‘75 jaar vrijheid’ zijn het theaterspektakel bij Molkwar, de meerdaagse programma’s in Sneek en Makkum, de muziektheatervoorstelling Smokkelbern (o.a. in Abbega en Sneek), het openluchttheater Skaad in Loënga, de activiteiten van het Kazemattenmuseum en het project ‘As it tsjuster is…’ van Warkums Erfskip.

Een overzicht van alle activiteiten in het kader van ‘75 jaar vrijheid’ staat vanaf half maart op de website van de gemeente.