In de Erfgoed schijnwerpers: André Buwalda
Gepubliceerd op in Cultureel Erfgoed.
André Buwalda is een amateurhistoricus en erfgoedliefhebber uit Schettens. Hij verdiept zich graag in de lokale geschiedenis, familiegeschiedenissen en cultuur. Daarnaast zet hij zich actief in voor het behoud van historisch erfgoed in de regio. Ook geeft hij regelmatig lezingen over allerlei historische onderwerpen.
Waar komt jouw interesse in de geschiedenis vandaan?
Ik denk dat mijn interesse in de geschiedenis kwam door mijn pake. Hij had thuis een boekje waarin hij een overzicht bijhield van de Buwalda's, de laatste generaties van onze familie. Op een gegeven moment zag ik dat en besloot ik zelf ook de stamboom van onze familie te onderzoeken.
Maar ik denk ook dat je een beetje nieuwsgierigheid en interesse in je geschiedenis moet hebben. Vanaf mijn 20e is die interesse echt verder ontwikkeld. Het is iets wat zich langzaam in mij heeft geworteld!
Dus het begon allemaal met het uitzoeken van een stamboom, wie waar vandaan komt?
Inderdaad, ik was benieuwd naar de oorsprong van de naam en wilde weten waar de Buwalda’s vandaan komen en hoe ver dat teruggaat. Al snel ontdekte ik dat je, als onderdeel van een generatie, maar één takje bent van een hele grote boom. Dat idee heeft mij altijd mateloos geïnteresseerd.
Heeft het uitzoeken van stambomen nu nog steeds jouw grootste interesse?
Nee hoor, dat is wat naar de achtergrond geraakt. Ik heb hier meerdere artikelen over geschreven waaronder het Buwalda boek. Daar heeft zoveel werk in gezeten ik er wel even klaar mee was, toen het boek klaar was! Natuurlijk hou ik de stamboom nog wel bij, maar meer ook niet.
Kort na het afronden van dat boek begon onverwacht een nieuw avontuur: tijdens mijn rol als kerkrentmeester werd de helm van Skelte van Aysma ontdekt. Dat was mijn eerste echte kennismaking met de militaire geschiedenis — een wereld die tot dan toe helemaal nieuw voor me was. Door de betrokken conservator kreeg ik een kijkje achter de schermen van militaire collecties en historisch onderzoek. Ik raakte al snel gefascineerd. Wat begon als toeval, werd het begin van een heel nieuwe zoektocht.

Dus dit vond plaats vanuit je rol als kerkrentmeester?
Zeker. Na de vondst van de helm van Skelte van Aysma kwam ik in contact met Jeroen Punt, curator van het Nationaal Militair Museum. Wat begon met één vraag, groeide uit tot een intensieve samenwerking, en een vriendschap.
We ontdekten zoveel over Skelte dat we niet meer konden stoppen. Vooral opvallend: er is nauwelijks iets geschreven over de Friese legers, terwijl die eeuwenlang misschien wel het grootste ‘bedrijf’ van Friesland vormden.
Dankzij oude legerstamboeken, brieven aan de stadhouder en zelfs dagboeken van Willem Lodewijk van Nassau kwamen we steeds verder. Inmiddels werken we met meerdere vrijwilligers aan een database én een boek over deze vergeten geschiedenis. Als alles volgens plan loopt, verschijnt dat eind dit jaar.

Hoewel je deze interessante projecten als vrijwilliger uitvoert, vroeg ik me af of je daarnaast ook nog andere taken vervult binnen een stichting of vereniging?
Nee, na vijftien jaar als kerkrentmeester van de rijksmonumentale kerk in Schettens heb ik het stokje overgedragen. Het was een dankbare taak waarin ik veel heb geleerd. Als kerkrentmeester houd je je bezig met het behoud van een eeuwenoud gebouw — de kerk van Schraard stamt zelfs uit de twaalfde eeuw. Het is bijzonder om daaraan te mogen bijdragen.
Wat het voor mij extra speciaal maakte, is dat de Schettenser kerk ook onbekende geschiedenis bleek te bevatten. Zo was ik als kerkrentmeester niet alleen betrokken bij de ontdekking van de helm, maar ook bij de ontdekking van de grafkelder van Skelte van Aysma.
Dit was een heel bijzonder en spannend moment! Nadat we toestemming hadden gekregen gingen we de grond in. Onder de vloer stuitten we op een muur, daarachter zat een verborgen deur. Toen we enkele stenen verwijderden, viel het eerste daglicht op menselijke resten in een grafkelder. Het bleken de overblijfselen van meerdere personen. Dankzij DNA-onderzoek konden we vaststellen dat één van hen daadwerkelijk Skelte van Aysma was.
Je kunt je voorstellen: dat voelde als een jongensdroom. Oog in oog staan met iets dat eeuwenlang door niemand is gezien, vergeet je nooit meer. Wie maakt zoiets nu mee?
Je bent de afgelopen jaren erg druk geweest met verschillende projecten en het kerkrentmeesterschap. Hoe combineer je dat met je gezin en privéleven?
Dat is altijd een kwestie van passen, meten en balanceren. Zeker met een jong gezin vraagt het soms veel, en dan is steun van het thuisfront echt cruciaal. Gelukkig kreeg ik thuis de ruimte, maar je moet jezelf ook blijven afvragen: hoe verhoudt dit zich tot mijn gezin? Hoe interessant het werk ook is, die balans blijft belangrijk.
Uiteindelijk heb ik er bewust voor gekozen om een stap terug te doen en mijn taak als kerkrentmeester over te dragen. Na vijftien jaar merkte ik dat het werk steeds meer een herhaling werd en dan verlies je wat scherpte. Het was tijd om rust te nemen en ruimte te maken voor een opvolger. Dat betekent overigens niet dat ik niets meer voor de kerk doe. Ik word nog geregeld gevraagd om ergens bij te helpen — maar nu is het op vrijwillige basis en bepaal ik zelf of ik ja of nee zeg. Dat is ook prettig.
Misschien kunnen we het antwoord al raden, maar welke historische persoon vind jij dat iedereen zou moeten kennen?
Voor mij is dat zonder twijfel Skelte van Aysma. Daar liggen onze wortels. In het begin zag ik hem vooral als een gewone militair die in onze kerk begraven ligt. Ik had er ooit iets over geschreven, maar verder niet veel aandacht aan besteed.
Dat veranderde volledig door de vondst van zijn helm, de grafkelder en het latere DNA-onderzoek. Daardoor kwamen we veel meer over hem te weten. In 2018 is hij zelfs met militaire eer herbegraven in de kerk van Schettens. Zo kwam zijn verhaal echt tot leven.
Bovendien was Skelte een buitengewoon boeiend persoon, over wie vrijwel niets negatiefs te vinden is. Tenzij je het aan de Spanjaarden vraagt, tijdens de Tachtigjarige Oorlog heeft hij er genoeg van omgebracht. Dat hij zich wist op te werken van vaandrig tot kolonel, de hoogste rang in het leger, maakt hem wat mij betreft een inspirerend voorbeeld van toewijding en leiderschap. En dat hij uit Schettens kwam, maakt het voor mij natuurlijk extra bijzonder.
Ik kijk er dan ook weer naar uit dat het weer wat drukker wordt met gasten die in onze kerk overnachten. Aan hen vertel ik regelmatig – en met veel plezier – het verhaal van Skelte. Uit de reacties merk ik dat zijn levensverhaal ook bij onze gasten indruk maakt.
Wat is het mooiste compliment dat je als vrijwilliger hebt gekregen?
Misschien geen uitgesproken persoonlijk compliment, maar voor mij was de herbegrafenis van Skelte van Aysma een bijzonder en, ook voor veel anderen, een gewaardeerd moment. Op 23 mei 2018 werd Skelte met militaire eer herbegraven in de grafkelder van de kerk in Schettens. Hij werd opnieuw bijgezet in de familiegrafkelder, onder zijn oorspronkelijke grafzerk.
Vooral de officiële en plechtige processie, met paarden en ruiters, waarbij de militairen in een stoet marcheerden, met de kist van Skelte op een afuit, maakte diepe indruk op iedereen. Mensen waren zichtbaar ontroerd. Het werd gezien als een respectvolle manier om de kolonel te eren, als een waardevolle herdenking van een historische figuur. Dit was niet alleen een mooie afronding van alle gebeurtenissen sinds de vondst van de helm, maar voelde voor mij ook als een groot compliment — echt de kers op de taart.
Zijn er ook historische plekken waar je bijzondere herinneringen aan hebt?
Ja, daar kan ik kort over zijn: de kerk van Schettens. Bijna alle bijzondere momenten die ik de afgelopen jaren heb mogen meemaken, vonden daar plaats.
Waarom is het belangrijk dat we de geschiedenis bewaren, er over blijven vertellen en er zuinig op zijn?
Volgens mij is het belangrijk om de geschiedenis te blijven vertellen en bewaren, omdat het ons houvast biedt — zeker in een wereld die steeds sneller verandert. Ik vergelijk het wel eens met ons koningshuis, dat veel mensen een gevoel van continuïteit en verbinding geeft.
Geschiedenis laat ons zien waar we vandaan komen en verbindt ons met het verleden. In een tijd waarin alles snel verandert geeft kennis van ons verleden een gevoel van stabiliteit en richting. Het herinnert ons eraan dat we deel uitmaken van iets groters — van de generaties die ons voorgingen, met hun verhalen en lessen. Dat geeft ons vertrouwen in de toekomst.
Nu, met de dreiging van Rusland, ervaren we opnieuw vergelijkbare gevoelens van onzekerheid als mensen in de Tachtigjarige Oorlog: de dreiging van een vijand die je land overneemt en het gevoel dat alles wat je hebt opgebouwd in één klap verloren kan gaan. Het idee dat alles wat belangrijk is, ineens verdwijnt. Maar de geschiedenis laat ons ook zien dat alles uiteindelijk voorbijgaat. Na verloop van tijd verschuift de aandacht, komen er weer nieuwe dingen op ons pad en wordt wat nu actueel is zelf geschiedenis.
"Bijna alle bijzondere momenten die ik de afgelopen jaren heb mogen meemaken, vonden plaats in de kerk van Schettens."
Wat motiveert jou om je kennis en informatie met anderen te delen?
Ik vind het sowieso fijn om anderen een plezier te doen en als je dan reacties krijgt vind ik dat misschien nog wel leuker! Die reacties helpen ons ook weer verder. Bovendien merk ik dat je met het delen van kennis anderen kunt enthousiasmeren en in beweging brengt — bijvoorbeeld om zelf als vrijwilliger aan de slag te gaan. Daarom maken we alle informatie die we verzamelen online toegankelijk via databases. Want ja, als je niet kunt delen, kun je ook niet vermenigvuldigen, toch?
Dat klinkt mooi, maar je hoort ook vaak dat het lastig is om vrijwilligers te vinden.
Het verschil bij ons is dat we allemaal mensen om ons heen hebben met ongeveer dezelfde interesses en drijfveren. Juist dat maakt het zo leuk. En wat het nog waardevoller maakt: iedereen brengt ook weer andere kennis en invalshoeken mee. Vanuit al die verschillende specialismes kun je enorm veel van elkaar leren en onderling kennis uitwisselen.
Misschien is dit dan ook wel wat je mee kan geven aan andere verenigingen en stichtingen?
Zeker weten! Door je informatie te delen, win je juist alleen maar. Waarom zou je het voor jezelf houden? Sommige mensen zijn misschien bang dat een ander ermee vandoor gaat, maar ik zie dat anders. Als ik iemand blij kan maken met informatie over bijvoorbeeld een kapitein, dan is dat toch prachtig? En wie weet, heeft diegene weer kennis waar ik zelf wat aan heb. Zo help je elkaar verder. Daarnaast leer je door je werk te delen ook heel veel mensen kennen met dezelfde interesses en bouw je een interessant netwerk op.
Heb je nog dromen en plannen voor de toekomst?
Mijn grootste droom is nu om die dagboeken van Willem Lodewijk uit te geven én de database met al onze bevindingen te ontsluiten. Dat wordt echt een belangrijk moment — niet alleen voor ons, maar ook voor de Friese geschiedenis.
Verder hoop ik gewoon op deze manier door te kunnen gaan. Ik weet zeker dat er vanzelf weer nieuwe dingen op mijn pad komen. Zo ontstond namelijk ook onze tentoonstelling over de Zwanendrift. Vijf jaar geleden kwam de gemeentelijk archeologe langs met een zwanenhalsband en vroeg of ik daar meer over kon vinden — en of we daar ‘wat’ mee konden doen. Dat liet ik me geen twee keer zeggen.
Uiteindelijk hebben we een prachtige tentoonstelling gerealiseerd in museum De Tiid. De reacties waren ontzettend positief, en er verscheen zelfs een mooi artikel in de Leeuwarder Courant. Zulke projecten maken dit vrijwilligerswerk zó waardevol.

Wat zou je willen zeggen tegen iemand die jouw werk als historisch onderzoeker ook helemaal ziet zitten?
Altijd doen, maar maak je geen zorgen over de tijd die het kost. Als je je daar vooraf al druk over maakt, kun je beter niet beginnen. Dit werk is zo leuk en interessant, en je ontmoet zoveel nieuwe mensen, dat het je zeker tijd gaat kosten. Maar goed, of je nu een avondje op stap gaat of deze tijd investeert in je ontdekkingsreis naar onze geschiedenis, dat is helemaal aan jou. En ik moet je wel waarschuwen: je reisjes naar het verleden kunnen behoorlijk verslavend zijn!
Kun je in één zin samenvatten wat geschiedenis voor jou betekent
Geschiedenis is verweven met mijn leven en heeft invloed op mijn doen en laten, het is een deel van wie ik ben.
“Onze gemeente is op cultureel gebied misschien wel de rijkste gemeente van Nederland”
Wil je nog wat kwijt?
Ik vind het echt heel goed dat we een gemeente hebben die actief met erfgoed bezig is. Het is mooi om te zien dat er zoveel waarde wordt gehecht aan het behoud van onze geschiedenis.
Tegelijkertijd zie ik dat er nog veel meer uit het zogenaamde cultuurtoerisme te halen valt. Hoe kan de gemeente ervoor zorgen dat toeristen snel op de hoogte zijn van de meest interessante hotspots, niet alleen in de steden, maar juist ook in de kleinere dorpjes en het landelijke gebied? Waar kunnen mensen nu terecht voor deze informatie en hoe wordt dit verder ontwikkeld zodat zowel bewoners als bezoekers kunnen genieten van de rijke geschiedenis die we hier hebben?
Volgens mij zijn er veel mogelijkheden. Ik durf zelfs te zeggen dat onze gemeente op cultureel gebied misschien wel de rijkste gemeente van Nederland is. Het zou zonde zijn om deze rijkdom niet verder onder de aandacht te brengen. We zouden er echt meer mee moeten doen!
Dit artikel is onderdeel van de Nieuwsbrief Cultureel Erfgoed. Wil je op de hoogte van het laatste Cultureel Erfgoed nieuws blijven? Meld je aan voor de Nieuwsbrief Cultureel Erfgoed. Deze verschijnt 2x per jaar.
Zie ook
- Voorwoord Wethouder Petra van den Akker
- It Romme Fjild in Workum
- De toekomst van onze begraafplaatsen
- Doe mee aan de Open Monumentendag 2025!
- Binnenkijken in Hindeloopen
- Het bouwhistorisch detail - Balkenplafond
- De archiefschatten van Súdwest-Fryslân | Anton Dull
- Vloeren met verhalen
- Asbest, een populair bouwmateriaal
